Kennismakingsvormen
Hieronder vind je 10 verschillende manieren van kennismaken. Ze variëren van kort en krachtig naar langer en uitgebreider en van zakelijk tot persoonlijker. Het motto is: laat je inspireren en geef je creativiteit de ruimte!
1. Naamkaarten schrijven
Ieder krijgt een blanco naamkaart en schrijft daarop in het midden zijn naam. In de vier hoeken schrijft de leerling met steekwoorden iets over:
o Je droomvakantie, waar zou je heen willen/ wat ga je er doen?
o Je passie, waar ga je helemaal voor?
o wat belangrijk voor anderen is om te weten; of : Wat kun je over jezelf vertellen dat niemand in deze klas van jou weet?
o Wat wil je graag (beter) leren? .
2. Kennismakingsronde
De leerlingen vertellen om beurten iets over zichzelf, wat zij van belang vinden voor de groep om te weten. Tip: vermijd het traditionele rondje - het is voorspelbaar en de aandacht van leerlingen verslapt maar al te snel. Laat leerlingen de beurt doorgeven, aan iedereen die ze willen behalve degenen die naast hen zitten.
De docent kan de ronde starten met als voordeel dat hij de trend zet die door de leerlingen automatisch wordt nagevolgd. Onderwerpen hierbij kunnen –basisschool (waar kom je vandaan?), waar ben je goed in op school (waar kun je anderen mee helpen), hoe werk je het prettigste in de klas (waar hebben anderen rekening mee te houden), wie ken je al in de klas en hoe besteed je je vrije tijd?. Wees je er wel van bewust dat als jij over je hond vertelt, je aan het einde van de kennismaking een dierenwinkel kunt beginnen. Met andere woorden: wat je erin stopt, krijg je eruit!
3. Elkaar interviewen
Iedereen krijgt tien minuten om zijn of haar duo-partner vragen te stellen en daarvan notities te maken om aan iedereen te presenteren. Daarna worden de rollen omgedraaid. Na totaal 20 minuten stelt elke leerling achtereenvolgens zijn of haar partner voor aan de rest van de groep. De docent ziet erop toe dat de persoon die wordt voorgesteld ook de kans krijgt om onduidelijkheden of onvolledigheden aan te vullen. De groep kan ook vragen om verduidelijking, bij voorkeur eerst aan de verslaggever.
4. Het zelfportret
Deze opdracht houdt in dat iedereen een tekening maakt over zichzelf. Dat kan op een aantal manieren: als karikatuur, als dier of als plant, als voorwerp dat men voor zichzelf veelzeggend vindt. Het kan ook in de vorm van een levenslijn (welke belangrijke punten markeren je leven) of met een cirkel waarin men in segmenten belangstellingssferen tekent, of als stripverhaal. Er zijn legio mogelijkheden.
Als iedereen zijn tekening af heeft (doorgaans na 20 minuten) worden ze opgehangen met de signatuur van de maker. Vervolgens geven de leerlingen om beurten uitleg bij hun tekening en beantwoorden vragen van de anderen.
Als in de tekeningen uitspraken worden gedaan over verwachtingen ten aanzien van de school of klas, kunnen deze uiteraard aanleiding zijn voor een gesprek hierover.
5. Kennismaking op leerdoelen
Laat iedereen op een groot vel papier (bijvoorbeeld van een flip-over) schrijven wat zijn leerdoelen en verwachtingen zijn ten aanzien van de school en de klas. Deze worden vervolgens vlot uitgewisseld.
6. Receptie met een (uitgebreid) naambordje
Laat iedereen een bordje maken met:
Ik ben .......................................................
Ik wil ........................................................
Mijn hobby is...........................................
Met deze bordjes in de hand (of opgespeld) lopen de leerlingen rond en wisselen achtergrondinformatie met elkaar uit. Geschikt voor grotere groepen.
7. Subgroepen vormen
De groep krijgt de opdracht om binnen een tijdsbestek van circa 10 minuten subgroepen te vormen op basis van gemeenschappelijke eigenschappen, kenmerken en situaties.
Bijvoorbeeld op basis van dezelfde hobby, dezelfde basisschool, dezelfde familieomstandigheden, dezelfde sport, hetzelfde beroep van ouders, dezelfde leeftijd, favoriete vakantiebestemming, plaats waar men gewoond heeft of nog woont, enzovoort. Het effect is dat leerlingen razendsnel kennismaken met elkaar op bovengenoemde onderwerpen. Vaak hilariteit alom en het ijs is zeker gebroken na deze exercitie. Geschikt voor grotere groepen.
8. Kennismaken aan de hand van 4 dagen uit je agenda
Iedereen werkt 4 dagen uit zijn agenda uit op een groot vel papier (twee schooldagen en twee vrije dagen), de flip-over vellen worden opgehangen en ieder licht zijn bezigheden qua school en privé toe. Intensieve oefening die vrij veel tijd vergt en met name toegevoegde waarde heeft in het leren van elkaar en met elkaar.
9. De Handdruk
Leerlingen vertellen over zichzelf als persoon aan de hand van 5 vragen die gekoppeld zijn aan de vijf vingers:
· De duim: hier ben ik goed in…
· De wijsvinger: hier wil ik heen…
· De middelvinger: hier heb ik een hekel aan /wil ik vanaf…
· De ringvinger: hieraan ben ik trouw…
· De pink: hierin voel ik mezelf klein/kwetsbaar…
10. De Sleutelbos
Leerlingen stellen zichzelf voor aan de hand van de sleutels aan hun sleutelbos. Het levert bijzonder diverse info op over je leerlingen! Bijvoorbeeld ‘deze sleutelhanger was een cadeau van mijn oma, ik heb 4 huissleutels, want ik woon op een etage in hartje stad, ik heb een fietssleutel, sleutel van het huis van de buren, weekendhuisje, locker op de (sport)school, sleutel van het huis van mijn vader (mijn ouders zijn gescheiden) et cetera.
11. Vragenspel http://www.box.net/shared/sa9736svpp
Leerlingen zitten in groepen van vier. In het onderstaande kaartspel zitten verschillende vragen, deze worden geschud en in het midden omgekeerd op een stapel op tafel gelegd. Degene, die begint pakt de eerste en leest de vraag voor. Diegene die links van hem/haar zit geeft antwoord op de vraag. Daarna pakt degene, die de vraag beantwoord heeft een kaart en stelt de vraag aan degene die links van hém/háár zit. Enzovoorts. Je mag passen en om een nieuwe vraag vragen. Is de stapel op dan kun je altijd weer opnieuw beginnen.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten